Kennis van het gietproces
Niet iedere maker heeft evenveel achtergrondkennis van en vaardigheid in gieten. En dat hoeft ook niet. Die ervaring kun je immers opdoen, en dat levert veel op volgens Rino. “Het biedt extra mogelijkheden in je werk en je kunt daarin echt een ontwikkeling doormaken. Je weet bijvoorbeeld ook waar je delingen het mooiste kunt maken. En wat wel en niet maakbaar is voor een gieterij. Dit gaat in de praktijk namelijk nogal eens mis. In de commerciële gieterijwereld is regelmatig wrijving tussen kunstenaar en gieter. Dan is het wasmodel niet van de juiste dikte of valt het uit elkaar. De gieter moet dit vervolgens oplossen en de kunstenaar is niet blij met het resultaat.”
Eerste keer
Rino geniet net zo goed van het werken met minder ervaren makers. “Het hoeft ook niet altijd ingewikkeld te zijn. Heel leuk vond ik het werk van Arne Nys. Hij kwam met een kleimodel, waarvan hij eerst een siliconen- en vervolgens een zandmal maakte. En hij deed 2 kleine experimenten van linosnedes in aluminium. Dat soort gutsmethodes lenen zich goed om te gieten. Zijn werk kwam er ook heel goed uit en hij was ontzettend blij met het metalen object, dat hij wil presenteren als schilderij. Kijk, normaal gaan mensen naar een gieterij en geven dan alles uit handen. Arne deed het zelf, het was voor hem de eerste keer, en daarmee ook een onderzoek,” vertelt Rino.
Alles verknallen
Het gieten is maar klein stukje van proces. Rino vertelt: “Van begin tot einde kun je nog alles verknallen. Ook op het allerlaatste moment – bij het inklemmen van de gietmallen – kan het helemaal misgaan. Bijvoorbeeld wanneer je te veel of juist te weinig druk zet. Alle energie die je erin stopt, moet er ook uit komen. En 9 van de 10 keer zie je dat het ook zo werkt.” Maar dat hoeft allemaal zeker niet perfect te zijn. Rino: “Ik hou ook ervan als mensen eigenwijs zijn en slordig. Dat is ook supergoed, dan ga je ook op dat randje zitten. Soms past het ook bij het werk, dat heeft ook charme!”